Mooie en minder leuke gebeurtenissen tussen winter en voorjaar.

Nu de laatste sneeuwresten schijnbaar definitief zijn verdwenen, komt als je goed oplet, het voorjaar in alweer in zicht. 

Het voordeel van deze periode is dat je niet echt heel vroeg je bed uit hoeft voor een zonsopkomst. Hier bij de Mepper hooilanden wellicht een bekende boom met deze keer een bijzon.  

De hooglanders worden schijnbaar rond deze tijd bijgevoerd in de winter, want ze reageren enthousiast op mij. Nu heb ik iets mindere ervaringen met hongerige Schotse Hooglanders en spoed me dan ook snel richting een bosje.

Nog een paar weken en dan gaan de wilde zwanen weer terug naar hun broedgebied in het hoge noorden. Vooralsnog zie ik nog tientallen in de omgeving van Meppen.

Ik snuit me deze dagen een ongeluk en deze 'snottebellen' van de hazelaar zouden weleens de oorzaak kunnen zijn. Let ook eens op de zeer kleine vrouwelijke bloemetjes.

Ook de rode katjes van de els laat het stuifmeel in het rond waaien. Deze water minnende boom is vaak langs oevers van beken en sloten te vinden.
In een bosje ontdek ik een vierkant gat, precies in het verlengde van een hoogzit .

Met droevige ogen ligt een gevilde reegeit mij aan te kijken . Het gat hebben ze waarschijnlijk niet gedempt omdat ze nu hopen dat er een vos bij gaat eten en dat ze die ook nog af kunnen knallen. Allemaal toegestaan in Nederland.

De padden beginnen te ontwaken en één was bovenop de ree gevallen en kon er niet meer uitklimmen. Dankbaar was daarom hij bereid om even mooi te poseren.

Ik ontdek een bijna witte buizerd die er schijt aan heeft dat ik hem op de foto zet.

Langs de waterkant van de Geeserstrroom ligt een vakkundig opengemaakte posthoornschelp.  

Als een vrouwtjeskikker of pad wordt opgegeten door een reiger of andere predator, zwellen de eitjes en eileiders op in de maag en wordt er een zogenaamde 'sterrenschot' uitgebraakt. Deze keer met een botje.
Tot slot nog een foto van een paar weken gelden van een wel zeer fraaie wintergast De pestvogel.
Dat zo'n mooie vogel aan zo'n nare naam komt is jammer maar begrijpelijk. Door voedselgebrek komen ze eens in de zoveel jaar, helemaal vanuit de bossen van Rusland en noord Scandinavië, ons land binnenvallen. Vroeger werd dat uitgelegd als voorteken van het mysterieuze en dodelijke pest.


Een prachtige vogel die 's winters helemaal gek is op de bessen van de Gelderse roos. Meestal vliegen ze in een zwerm van soms wel 30 exemplaren maar in Havelte vloog er een paar dagen lang een helemaal alleen rond